Celestarium: administratie

Ik zit nu op ongeveer 22 procent. Het gaat dus nog niet al te hard vooruit, al heb ik volgens het schema meer dan 13.000 steken gebreid (ik moet maar niet al te veel aandacht besteden aan dat schema, en zeker niet aan die kolom). Ik heb er een tijdje weinig aan gewerkt, vaak te moe om steken te tellen en kralen te rijgen. Ik heb er ook pas onlangs aan gedacht om duidelijk de maat op de zakjes kralen te schrijven, vooral 4/0 en 6/0 zijn best moeilijk uit elkaar te houden.

En dan ben ik ook nog eens zo neurotisch dat ik het patroon wil vergelijken met het Excel-bestand. In het patroon staan eindeloze schema’s, en iemand (niet de maker van het patroon) is zo vriendelijk geweest om dat te vertalen naar een Excel-bestand, met de magnitudes erbij voor wie kralen in verschillende groottes wil gebruiken (wat ik dus doe). Dat bestand was gesorteerd op naam van de ster, waar ik onder het breien niets aan heb. Met een druk op de knop was het gesorteerd op toer, maar binnen die toer staan de kralen dan nog steeds niet altijd in de volgorde waarin je ze toe moet voegen en een foutje is natuurlijk zo gemaakt (ik vond al een verschil). Dus vandaar. O, en ik houd van afstrepen, dus ik check en schrijf dan op wat er moet gebeuren. Het kost extra tijd, maar het werkt voor mij. Ondertussen is dit project natuurlijk ook gewoon bedoeld om even niet aan andere dingen te hoeven denken, dat geef ik onmiddellijk toe. En dan heb ik iets om naar te kijken als Kroongetuige weer te eng voor me is. In de nieuwste aflevering moesten ze zelfs iets doen met sterrenbeelden, dus het was nog toepasselijk ook :)

Ik heb nog altijd geen flauw benul welke sterren er allemaal zijn, dus is het leuk er af en toe eentje op te zoeken. Gisteren plaatste ik blijkbaar Vega, een van de helderste sterren, onderdeel van Lier en de zomerdriehoek.

Ik heb nu elke 30 steken een steekmarkeerder geplaatst, en alvast een extra pakje aangeschaft (nu erg goedkoop bij Zeeman) zodat ik er ook genoeg heb als het aantal steken weer verdubbelt. Er bestaan heel mooie steekmarkeerders met kraaltjes en bedeltjes en wat al niet meer, maar ik heb bij dit project ontdekt dat deze simpele (het zijn een soort plastic veiligheidsspeldjes) erg fijn werken, vooral omdat je ze makkelijk kunt verplaatsen. Aan de steekmarkeerder aan het einde van de toer heb ik wel een bedeltje gedaan, van een uiltje.

Bij deze update hoort natuurlijk een foto, ook al is het inmiddels niet zo eenvoudig meer om een goed beeld te krijgen van mijn Celestarium op de naalden. En dan te bedenken dat het aantal steken nog een keer gaat verdubbelen, dat wordt proppen. Ik had mijn sterrenhemel trouwens al een tijdje niet meer bij daglicht gezien nu het alweer zo vroeg donker wordt (ik werk er alleen aan als S. slaapt). Ik ben nog steeds heel blij met de verschillende blauwtinten in dit garen (Malabrigo Sock).

Dochter (17)

We grapten dat ze een upgrade heeft gehad, omdat ze wat beter at ‘s avonds. Zodra je dat zegt, doet ze het natuurlijk weer niet. Ze eet nog steeds vooral graag yoghurt (wat ze hoe dan ook na afloop krijgt, want straffen of belonen met toetjes is niet goed, het is nu echt begonnen hoor, die opvoeding). We proberen ook te oefenen met water drinken, belangrijk aangezien ik ooit toch wel graag zou willen stoppen met borstvoeding. Een fles is slecht, een tuitbeker is slecht, de aparte antilekbeker waar M. ook niks uit krijgt ook; het valt nog niet mee om het goed te doen. Een open beker is het beste, maar daar stopt ze tot nu toe vooral graag haar hand in. Al hielp het enigszins om een doorzichtige beker te pakken (ze heeft een leuk bekertje van Pluk, maar ik realiseerde me na enige maanden dat ik met een doorzichtige beter kan zien wat er gebeurt…) en hebben we ook een speciaal bekertje gekocht met een uitsparing waardoor het makkelijker zou moeten zijn om haar hoofd goed te houden. Tot nu toe maakt ze ook totaal geen aanstalten om de beker zelf vast te houden, ze laat juist los als ik haar daarbij wil helpen. Of nou ja, de rietjesbeker (aan ons assortiment ligt het niet, een rietjesbeker schijnt óók niet al te best te zijn, maar ze zal ergens uit moeten drinken tot ze goed uit een gewone beker kan drinken) vindt ze prachtig, maar vooral om mee te spelen. Brullen als we die weer wegzetten. We zullen zien, we blijven oefenen. Het schijnt ook wel echt lang te kunnen duren voor kindjes het snappen, daar had ik niet bij stilgestaan.

Twee weken geleden waren we weer de hele dag in Brabant, en natuurlijk was ik weer van alles voor S. vergeten. Ik vraag me af hoelang ik zwangerschapsdementie als excuus kan gebruiken (achttien jaar, aldus mijn schoonmoeder). Ik dacht dat ik een banaan voor haar had ingepakt, maar nee. Die vond ik ‘s avonds terug in het vriesvak toen ik de melk voor de volgende dag eruit ging halen, waarschijnlijk erin gelegd toen ik een koelelement wilde pakken. Een ontdooide banaan is niet meer eetbaar, dat weten we nu ook weer. Gelukkig had overoma toevallig ‘kinderperen’ (in een zak met Woezel & Pip erop…) in huis, S. smikkelde er twee van op. Daarna zat ze nog even bij overoma op schoot en liet ze zowat overoma’s alarmknop afgaan. Ze is dankzij Klaartje Koe gek op knoppen. Het is zelfs zo erg dat ze tevergeefs op alle andere boeken drukt. Vooral op gekleurde cirkels, dat vind ik dan wel weer slim.

Bij opa klom S. de hele tijd op de trap, dat was grappig maar intensief. Maar goed dat ze ook nog even ging slapen tijdens een wandeling door het dorp. Ik had haar yoghurt ook niet bij me, maar er was hangop. We wisten niet of ze dat zou lusten, maar na een hap zwaaide ze enthousiast met haar armen, zo van: kom maar door!

Wat overeind blijft na de ‘upgrade’: ze klapt nu in haar handen. Op willekeurige momenten. Ze deed het voor het eerst nadat ze weer de hele avond wakker was geweest en we dan maar weer wilden gaan slapen met haar tussen ons in. Applaus voor haarzelf. Applaus voor de schone luier. Applaus voor de borstvoeding. We moeten ons vrijdag weer melden op het consultatiebureau, waar ze onder andere zullen kijken of ze al op een gesproken verzoek reageert. Het zou me enorm verbazen. Ze doet van alles na (ontzettend nuttige dingen als happen als een vis en met haar tong klakken…), maar reageert nog weinig op wat we zeggen. Wel soms op ‘nee’, maar daarbij vormen intonatie en non-verbale signalen natuurlijk een aanwijzing wat de bedoeling is. Ik vind het trouwens heel knap als ze erop reageert, want je ziet dan dat het haar echt moeite kost om niet aan datgene te zitten waar ze zo graag aan wil zitten.

Ze speelt elke dag met haar gekleurde stapelbekers. Het bovenste bekertje heeft kattenoortjes en is haar favoriet, meestal doet ze dat in een van de grotere bekertjes en sleept ze het overal mee naartoe. Of dat ene gele ronde blokje uit de vormenstoof. Het zal toeval zijn, maar het zit meestal in het gele stapelbekertje.

We zijn al druk bezig met haar verjaardag, mensen uitnodigen, cadeautjes uitzoeken. Het duurt nog een maand, maar mensen vroegen er al naar. Ik hoop dat we er een fijn feestje van kunnen maken. Het jaar is toch wel ongelooflijk snel gegaan. De eindeloze avonden en nachten iets minder snel. Het is op z’n zachtst gezegd jammer dat ze de laatste tijd geen nacht doorslaapt. Vooral als ze ons wakker maakt als wij nog niet lang slapen. Dan besef je hoe effectief dat is als martelmethode.

Ik was met haar naar tante A. gefietst. O, die fiets, het is nog steeds een heel gedoe, maar dit keer had ik de kinderwagen in de berging geparkeerd en als we er dan eenmaal op zitten valt het wel mee. Als S. een beetje stilzit. En als we ergens heen gaan waar we S. niet ook nog op andere wijze hoeven te vervoeren. Goed, ik ging dus naar mijn tante en het is fijn dat we daar nu weer op de fiets naartoe kunnen, want het is ver om te lopen en in haar straat kun je niet goed parkeren. S. ging door het lint toen ik haar al in de gang had neergezet en nog even de fiets op slot ging zetten, ik geloof dat ze dacht dat ik meteen weer weg zou gaan. Maar toen ze eenmaal was gekalmeerd, was het gezellig. Ik wil op dit punt graag nog even benadrukken dat S. eigenlijk nog niets zegt. Ja, af en toe ‘mama’, maar eerlijk gezegd is ons nog steeds niet echt duidelijk hoe bewust ze dat doet, of ze ons daarmee bedoelt. Enfin. S. speelde met het leuke speelgoed van mijn tante, at een halve avocado en brabbelde erop los. We hadden het erover dat ze zo veel te vertellen had, wisten we maar wat ze bedoelde, bla, bla. Op een gegeven moment zei mijn tante: ‘Het lijkt wel alsof ze naar de klok zit te kijken.’ En S., wijzend naar de klok: ‘Die. Tiktak.’ Ik wist niet wat ik hoorde (maar ik heb dus een getuige)! Mijn moeder en stiefvader laten S. altijd hun klok zien en horen (ze hebben er zo een met een slinger, die slaat), dus ik weet waar dit vandaan komt, maar het was zo bizar, en zo leuk om mee te maken!

Boeken van september

Carolijn Visser – Selma
Dit boek sprong vorig jaar nogal in het oog bij ons. Vreemd om overal die naam te zien zonder daar iets over te kunnen zeggen. En nu kon onze S. geen genoeg krijgen van de omslagfoto. Ze zag hem dan ook een tijdje best vaak, want M. en ik konden dit boek nauwelijks wegleggen. Het is zo aangrijpend. Selma was Joods, verloor haar moeder in de Tweede Wereldoorlog, trouwde zelf na de oorlog met een Chinees en ging met hem mee naar China. En daar ging het helemaal mis. De regel was toen dat je je Nederlandse paspoort kwijtraakte als je met een buitenlander trouwde. Door Nederland werd Selma na haar huwelijk dus gezien als Chinees, waardoor ze het in China veel moeilijker had dan andere buitenlanders (en het land ook niet zomaar kon verlaten). Tegelijkertijd werd ze door China gezien als westerling (/kapitalist/intellectueel). Ik vond het erg tragisch en indrukwekkend. En erg mooi opgeschreven.

Francine Oomen – Oomen stroomt over
Ik heb best veel van Oomens boeken gelezen. In ieder geval de complete Hoe overleef ik-serie (die kocht mijn zusje) en Lena Lijstje. Ik vond het een beetje jammer dat ze vanwege haar bekendheid haar slechte gedichten kon publiceren, maar zij en haar succes fascineren me ergens ook. Tot haar beste werk behoren wat mij betreft Het zwanenmeer, maar dan anders en de videoband van Saartje en Tommie die wij nog altijd met veel plezier bekeken toen we daar al veel te oud voor waren. We hadden eventueel een veel jonger broertje achter de hand, maar ik geloof niet dat we hem als excuus gebruikten. Zou ik alsnog kunnen doen nu met mijn dochter :)
Hoe overleef ik stopte, er werd een nieuwe serie gestart met dezelfde personages voor oudere lezers (zodat de personages eindelijk seks konden hebben, dat leek serieus een reden), na een matig boek verschenen er geen andere meer en werd het stil rond Oomen. Dit boek lijkt dat deels te verklaren, en is alleen daarom al interessant. Ik hoop nog heel lang niks te maken te hebben met het onderwerp (de overgang), en heb de medische details ook een beetje gescand. Maar het boek ziet er heel mooi uit, met allemaal tekeningen en collages van Oomen zelf. Ik vind het daarnaast een heel dapper boek, en ondanks alles ook grappig.

Henk van den Diepstraten – Efteling, kroniek van een sprookje

Ik hou van de Efteling. Ik heb de mensen die er als volwassene zonder kinderen nooit meer komen nooit begrepen. Ik denk graag terug aan de keren dat ik er geweest ben met mijn ouders en grootouders (mijn grootouders en vader leven helaas niet meer, dat maakt de herinneringen extra dierbaar) en later ook met vriendinnen, met M. en de schoonfamilie. De laatste keer was twee jaar geleden met M., C. en P. om het slagen van P. te vieren en was ook weer erg fijn, ik schreef er hier al iets over. Ik ga nu ook weer niet zo ontzettend vaak, maar heb nu toch het idee dat ik er al lang niet ben geweest. Vorig jaar mocht ik bijna nergens in (want zwanger) en nu heeft S. er nog niet echt iets aan. Ik kijk er wel heel erg naar uit om straks met mijn eigen gezin (ik kan dit niet schrijven zonder te denken: Wahaha, gezin) zulk soort dingen te doen. Hoe oppervlakkig ook, het leek me zelfs een van de mooie dingen aan een kind hebben toen ik nog geen kind had. Ik zag ons echt al gaan. Ik hoop dat het zo mag zijn over een poosje. Dit alles bij wijze van verklaring voor het feit dat ik dit boek las. Het is een jubileumboek, uitgegeven bij het vijftigjarig bestaan van het park in 2002. De nieuwste ontwikkelingen staan er dus niet in en heel kritisch is het ook niet. Zoals je kunt verwachten bij een jubileumboek, het is vooral een lofzang, het halve boek gaat over hoe hard iedereen werkte en wat voor geweldige oplossingen er werden bedacht voor problemen (er staan veel interviews in met oud-personeelsleden). Dat had ik op een gegeven moment wel een beetje gezien. Maar er staan toch ook wel leuke weetjes en anekdotes in (bijvoorbeeld over Anton Pieck, die door zijn werkwijze de bijnaam ‘de milde dictator’ kreeg) en het mag denk ik ook wel gezegd worden dat het een uniek park is. Ik kreeg van het lezen in ieder geval veel zin om er weer eens heen te gaan.