Celestarium

Wat doe je als je eigenlijk helemaal geen tijd hebt en je nog steeds niet zo goed voelt? O, dan besluit je om de sterrenhemel boven het noordelijk halfrond te gaan breien. Met glow in the dark-kralen in vier verschillende maten. Ik had dit patroon al een tijd in mijn Favorieten staan, het lijkt me tof, dus het moet er maar eens van komen. Waarom niet?

Het is eigenlijk een sjaal, maar ik zou het liever ooit aan onze muur hangen. Heel veel mensen hebben hem gelukkig al gemaakt, dus ik hoef niet zelf het wiel uit te vinden. Het originele patroon gebruikt slechts kralen in een maat, die geen licht geven in het donker. Ik vind het altijd zo mooi als patronen beter worden door de community. Ik wil dan ook meteen alles. En die verschillende groottes, en glow in the dark. Mensen hebben gelukkig al helemaal uitgezocht hoe groot de verschillende sterren zijn, dat het misschien mooier is zonder eyelets (die gaatjes), hoe je kunt bijhouden waar je bent in het patroon, dat je het beste naalden in verschillende diktes kunt gebruiken.

Ik heb garen gekocht en heel internet afgezocht naar die kralen (dat alleen was al een fijne afleiding). Nu nog uitzoeken hoe de schema’s in elkaar zitten. En o ja, zorgen dat die strengen bollen worden… Geduld! Het lijkt me leuk om af en toe de voortgang van dit project te laten zien op mijn blog.

Dochter (12)

En dan zeggen ze dat je zo in het nu leeft met een baby. S. wil altijd sneller, altijd meer, geniet nooit eens rustig van een vaardigheid die ze heeft opgedaan. Ze laat soms een hand los bij het staan en loopt soms een stukje langs de tafel (vooral als daar iets op ligt wat ze wil hebben).

Ze heeft ook eindelijk een tand. Nu echt. En dus hebben we een tandenborstel voor haar gekocht. Het schijnt goed te zijn om haar zelf ook even te laten ‘poetsen’. Dat vindt ze erg leuk, ze wordt boos als je de tandenborstel van haar afpakt.

Sommige dingen vindt ze ineens heel grappig. Dat gegrinnik van haar. Ik moet mijn gedicht veranderen. Het mooiste geluid is als je dochter lacht. Op dit moment:
– Uit de lift komen.
– De klank ‘oef’.
– Als iemand lager is dan zij, bijvoorbeeld als zij in de kinderstoel zit en we haar eten van de vloer vissen.
– Als iemand in de (open) keuken is, vooral als diegene dan omhoogkomt na iets uit een kastje te hebben gepakt.

Toen we bij haar opa aten, deden we met de hele tafel de wave. Zo veel heb ik niet met voetbal, maar het is mooi dat het voor haar vanzelfsprekend zal zijn dat meisjes het kunnen. Dat je alles kunt doen wat je wilt, dat zou ik haar graag meegeven.

Ze was weer zo populair deze week. De vriend van M.’s zusje is groot fan, hij zei speciaal: ‘Leuk ook om S. weer te zien.’ Op de verjaardag van mijn tante vond iedereen haar zo lief en vrolijk. Dat was ze ook. Ze kan heel goed zelf spelen, vinden wij. Oké, ze speelt werkelijk overal mee en het ligt aan hoe interessant het speelgoed is hoeveel dingen ze gaat doen die niet mogen, maar ze kan zichzelf echt wel een poosje vermaken. Het speelgoed bij mijn tante was erg interessant, vooral ook de bak waar het in zat. Het scheelde misschien dat we er als eerste waren, maar ze huilde helemaal niet bij het zien van al het bezoek, ze huilde eigenlijk alleen toen ze uren later een beetje moe werd. O, en toen de buurvrouw van m’n tante haar ineens oppakte. Ze kan goed aangeven wat ze wel en niet wil. Ze at haar eten helemaal op, deed een power nap in haar tentje en feestte toen nog even lekker door. Thuis ging ze voor haar doen ook heel snel slapen. Dat is ook deze week weer weleens anders, zo heeft ze Dafne Schippers brons zien winnen op de 100 meter. Ik moet heel vaak tegen mezelf zeggen: Het geeft niet. Ik kan dit aan. Ik geef haar wat ze nodig heeft. Nu telt niet meer iedere minuut slaap. Nu leven we niet meer in blokken van drie uur.

Ik ging met S. naar het tuincentrum om een cadeautje te kopen voor mijn tante en het was zo leuk. Ik ben nog steeds belachelijk verbaasd als ik zoiets weer kan doen. Zo’n winkel is natuurlijk helemaal ingericht op grote karren, en dus ook op kinderwagens. En S. vond de aquaria geweldig.

Als ik een man was, zou ik vertederd constateren dat ze ‘papa’ zei. Want dat zegt ze dus. Ik vind het niet zo erg als ik dacht dat ik het zou vinden. Het hoort bij haar taalontwikkeling, ze bedoelt er niets mee.

Toen we wegreden bij haar opa, waren hij en C. de straat opgelopen. Op de hoek van de straat zwaaide ik automatisch. Altijd als we vroeger wegreden bij mijn opa en tante zei mijn moeder op de hoek: ‘Zwaai nog even.’ Hoe je alles ergens weer opnieuw beleeft.

Camp NaNoWriMo: de einduitslag

Het is augustus, en dus is Camp NaNoWriMo voorbij. Ik heb mijn doel, minimaal 1000 minuten aan schrijven besteden, bereikt! Zondag de 30e al, dus het kostte uiteindelijk niet eens heel veel moeite. Het kwam wel pas goed op gang toen ik even niet werkte, maar dat is waarschijnlijk ook niet zo vreemd. Afgelopen week heb ik prompt weer heel weinig geschreven, dus tja. Doelen en deadlines werken? Nog maar even de doelen langslopen dan.

– Aan een schrijfwedstrijd meedoen. Dit is nog steeds het plan. De deadline voor de wedstrijd waar ik aan mee wil doen is 1 september, dus ik heb deze maand nog een hoop te doen. Ik hoop echt dat het lukt, ik ben ook echt al serieus met mijn tekst bezig geweest, maar ik schat in dat het nog veel werk gaat zijn.
– Proberen iets ergens gepubliceerd te krijgen. Dit plan staat voorlopig in de ijskast. Er kan natuurlijk altijd iets interessants voorbijkomen, maar het hoeft even niet zo.
– Minimaal twee keer per week bloggen, ongeacht waarover. Dit is gelukt en ga ik proberen vol te houden.
– Bijlezen Schrijven Magazine. Ook gelukt. Eerlijk is eerlijk, zonder dit punt zou het een stuk lastiger zijn geweest om die 1000 minuten te halen. Maar het was wel erg fijn. Flink wat artikelen zetten me aan het denken. Over mijn tekst, schrijven in het algemeen en zeker ook over redactie. Ik heb zelfs aantekeningen gemaakt! Zo hebben ze een serie ‘over het vak van redacteur’, geschreven door Jacqueline de Jong. Aangezien dat vak al jaren mijn vak is, ben ik niet de doelgroep. De insteek is uiteraard om (amateur)schrijvers een kijkje achter de schermen te geven. En toch lees ik die serie heel graag, ze helpt me om mijn positie te bepalen. Erg waardevol!
– Aan een nieuwe tekst werken. De tekst voor de wedstrijd dus. En ook nog wel wat andere ‘dingetjes’, maar die vallen vooralsnog in de categorie ‘van je af schrijven’ en ik weet nog niet of ze ooit een ander doel zullen hebben. Hoeft ook niet.
– Dat ene toneelstuk lezen. Daar is het nog steeds niet van gekomen. De tekst waar het voor is heeft momenteel ook geen prioriteit.

Over mijn huidige doelen kan ik kort zijn: bloggen en meedoen aan die wedstrijd!

Boeken van juli

Ruud Meijer – Beroep huisvrouw. Geschiedenis van het Amersfoortse huishoudonderwijs

Dit boek vond ik in de bibliotheek in de kast met boeken van Eemlandse schrijvers (waar mijn eigen bundel ook te vinden is). Het leek me interessant en dat was het ook. Ik moet eerlijk toegeven dat ik het niet helemaal van voor tot achter gelezen heb. Het is best aardig geschreven, maar soms behoorlijk droge kost. Het boek is duidelijk bedoeld om te informeren, niet om te entertainen. Het is bepaald geen literaire non-fictie (zou wel erg leuk geweest zijn!). Het boek gaat over de verschillende huishoudscholen die er ooit in Amersfoort waren, hoewel vooral heel veel over eentje en dan daarna nog even kort over twee andere, omdat daar een stuk minder materiaal over te vinden was. En dat dan geplaatst in een groter verband: de positie van de vrouw, de economische situatie in Nederland enzovoort. Er komen ook vrouwen aan het woord die op de huishoudscholen hebben gezeten of er lesgaven. Een leuke toevoeging, al vond ik de interviews helaas niet al te interessant, de meeste vrouwen sommen vooral op welke akten ze hebben gehaald en uit welke omliggende dorpen de leerlingen kwamen. Ik denk dat er leukere insteken mogelijk waren geweest met dit materiaal dan deze. Ik vond het bijvoorbeeld best saai dat er veel ruimte wordt besteed aan de verschillende gebouwen en de financiële situatie van de instellingen. Maar ik vond het wel interessant om te lezen hoe het gegaan is met het huishoudonderwijs in het algemeen, hoe het eerst een opstapje was voor meisjes die anders helemaal niet meer verder zouden mogen leren terwijl het later meer iets werd voor meisjes van wie men dacht dat ze verder toch niks konden. En natuurlijk extra leuk dat alles in het boek op mijn eigen stad was gericht.

Simon Cherry – De schat van Gruizelkaak
(Eddy Stone and the Epic Holiday Mash-Up, vertaald uit het Engels door Marjolein Algera)

Dit is het eerste boek over Eddie Kei. Ik heb het tweede boek over hem mogen persklaarmaken. Ik kreeg in dat kader het eerste boek ook toegestuurd, maar kwam er niet aan toe om dat al te lezen. Ik probeer eerdere delen altijd te lezen als ik boeken uit series redigeer (of herlezen als ik die eerdere delen ook heb geredigeerd), maar in dit geval is het feit dat de hoofdpersoon in beide boeken Eddie Kei heet zo ongeveer de enige overeenkomst. En dus bleef het toch liggen. Ik was wel heel enthousiast over het tweede boek, en daardoor toch ook erg benieuwd naar het eerste. En ik vond het eerste boek misschien nog wel leuker dan het eerste. ‘Zomaar’ lezen blijft heel anders dan voor werk lezen, zeker als ik vrij ben, ik heb de vertaalster inmiddels ontmoet, er kunnen allerlei redenen voor zijn. Voor beide boeken geldt dat ze heel origineel en grappig zijn. Heel levendig ook, met kleurrijke personages (die ook in de vertaling allemaal een geheel eigen stem hebben, razend knap gedaan). Vrijwel elke pagina gebeurt er wel weer iets onverwachts of geks. Soms misschien een tikje flauw voor volwassenen, maar ik heb echt zitten grinniken. Het zijn avonturenverhalen. In dit boek logeert Eddie bij zijn oma en treft hij op een dag een piraat aan in haar badkuip. Samen met deze piraat, ‘de bemanning’ (een oud vrouwtje met een kringloopwinkel) en een pinguïn die uit een waterpark is ontsnapt (en zichzelf een rasentertainer vindt), gaat hij op zoek naar een schat.

Dola de Jong – De thuiswacht

In de jaren veertig werd dit boek door alle uitgevers afgewezen vanwege de ‘schandelijke inhoud’. Er komen namelijk lesbische vrouwen in voor. Natuurlijk kun je ervan uitgaan dat het zeventig jaar later niet zo heel schokkend blijkt te zijn allemaal. Het gaat over twee huisgenotes: een inderdaad lesbisch en de ander een zorgelijk type dat dat aanvankelijk niet doorheeft. Ergens raakte het me wel, al moest ik erg wennen aan de stijl en had ik ergens toch gehoopt dat het meer over een lesbische relatie zou gaan in plaats van over een wat kleurloze vrouw die het allemaal niet zo goed weet. Onder andere in het nawoord wordt er zonder meer van uitgegaan dat beide vrouwen lesbisch zijn, maar zelf zag ik dat toch anders. O, en het is zo’n boek met overduidelijke terugblikken in de trant van ‘toen kon ik nog niet vermoeden dat…’, daar moet je van houden. Wat me echt stoorde was dat de flaptekst iets essentieels verraadt dat pas op 7/8 van het boek plaatsvindt. Het is een boek vol overpeinzingen en dat is op zich prima, maar toch een beetje sneu om dan zo ongeveer het enige spannende gegeven (dat te maken heeft met de oorlogsdreiging) achterop te kwakken.