Dochter (4)

Ze is aan het wennen op de crèche en ik ook. Ze werd rondgedragen toen ik haar kwam halen. Ze wordt erg graag rondgedragen. Ik kwam haar erg graag halen. Er waren geen andere baby’s, de grotere kindjes vonden het heel interessant en wilden haar aaien. Dat was even slikken, want ze waren nogal snotterig. Ze kwamen meteen met speelgoed aanzetten en waren teleurgesteld dat ze daar niets mee deed.

Mijn redacteursogen doen pijn van de taalfouten in de verslagjes, maar het is belangrijker dat ze lief voor haar zijn en goed voor haar zorgen. ‘Je heb heel veel knuffel gekregen’ stond erin. Een leidster vroeg verward naar onze herkomst omdat ze S.’ naam kende uit haar eigen cultuur en concludeerde toen opgewekt: ‘Nou ja, dat is makkelijk voor mij.’

Op termijn is dit voor iedereen het beste, ik sta nog steeds achter wat we hebben bedacht, maar nu is het vooral moeilijk. Daar weggaan ging nog wel, thuis zijn zonder haar is erger. Het schuldgevoel als ze er dan wel is en ik niet op mijn best het ergst.

Ik reed voor het eerst alleen met haar in de auto en zeker na de aanrijding is dat zo moeilijk, maar het moet. Op de plaats van bestemming werd ze met gejuich ontvangen, dat hielp. Mijn moeder ging boodschappen doen zodat P. ook even alleen met S. kon zijn. Achteraf vertelde ze dat S. ‘maar’ twee keer een halfuurtje had geslapen en ik zei: ‘Wow, twee keer een halfuur?’ Het was jammer dat een van die halve uren precies was toen mijn moeder boodschappen was gaan doen zodat P. ook even alleen met S. kon zijn.

Ze deed alles wat ze moest doen op het consultatiebureau en weegt weer een kilo meer. De arts dacht dat M. en ik zussen waren en dat vond ik erg vervelend, want ik heb toch al het idee dat ze ons anders bekijken, dus laat dat dan in ieder geval op basis van de juiste informatie zijn. M. was erger beledigd doordat de arts dacht dat ze uit Limburg kwam. De arts bood wel meerdere keren haar excuses aan en het was grappig dat ze duidelijk niet wist tot wie ze haar vragen over de borstvoeding moest richten. Daarna plaste S. alles onder en moesten er plastic zakjes worden gehaald voor alle natte spullen.

Ze probeert zo veel mogelijk vingers tegelijk in haar mond te stoppen en gaat huilen als het niet goed lukt. Ze draait liggend op haar rug zo negentig graden. We denken het begin van omrollen te zien. Ze grijpt de spijlen van haar wiegje vast, ik weiger dat op te vatten als teken dat het ooit te klein zal zijn voor haar.

Het is veel leuker om in bad te gaan als je niet door een van je moeders in een soort houdgreep hoeft te worden genomen, maar zelf mag zitten in een badzitje. Ze zat erin als op een troon en vond het heerlijk dat we haar hoofdje insmeerden met slaolie (tegen berg). De babyspa was weer geopend.

Dochter (3)

We halen luid en duidelijk adem zodat ze weet dat wij ook in bed liggen. Dat is nu vaak voldoende, een heel verschil met toen ze nog alleen op ons wilde slapen. Daar waren we toen veel te moe voor, maar in retrospectief had het wel wat. Nu ben ik vaak bang dat ik niet wakker word als ze me nodig heeft, ook al slaapt ze bij ons op de kamer. Vandaar dat ik me best een goede moeder voelde toen ik wakker werd, haar op haar handje hoorde sabbelen (dat is een hongersignaal) en haar te eten gaf.

Ze begint langzaam maar zeker te spelen. Ik was even de kamer uit geweest en ineens zag ik haar tegen haar boxspiraal slaan. Ze kan haar giraffeknuffeltje vastpakken. Haar eigen hand, zonder dat ze lijkt te beseffen dat het haar hand is. Ze vindt het nog altijd fijner om in de box te liggen als er iemand naast blijft zitten.

Ik heb haar helemaal alleen in bad gedaan. Ik ben best een beetje jaloers op de ouders die vragen hoelang een baby eigenlijk in bad mag, want meestal vindt S. het vreselijk en halen we haar er snel weer uit. Afdrogen en aankleden vindt ze minstens net zo erg, dus het is niet bepaald leuk om haar in bad te doen. Maar het lukte wel en ze was voor haar doen supervrolijk tijdens het afdrogen. Waarschijnlijk een binnenpretje, want vervolgens poepte ze een hydrofieldoek onder.

Ze kan nu zo spraakzaam zijn. Wij praten braaf terug. O, en als ze lacht als ze me ziet. Ze lacht best vaak als ze me ziet.

Zigzag

Naast de deken met de huisjes en de deken met de zeshoeken kwam er nog een derde dekentje van de naalden in de weken voor de geboorte van de dochter. Ik had nog katoen over van de huisjesdeken en wilde eigenlijk een dekentje maken voor in de co-sleeper, maar zoveel katoen had ik nu ook weer niet over; het pakte veel te klein en dun uit.

Ik zag dit exemplaar dus meer als bezigheidstherapie, maar stond er niet bij stil dat een pasgeboren baby 24/7 in allerlei doeken wordt gewikkeld (zeker die van ons, die enige moeite had zichzelf warm te houden). Ineens had de kraamverzorgster dit dekentje opgesnord. In combinatie met een hydrofieldoek bleek het perfect.

Het patroon was even wennen, maar daarna prima te doen. Ik had nog niet eerder iets in zigzagpatroon gemaakt, maar ga het zeker onthouden voor toekomstige projecten.

Patroon: Chevron Baby Blanket.
Naalden: 2,5 mm.
Garen: DMC Natura in de kleur Ibiza (nr. 1), ca. 150 gram. Restjes katoen.

Boeken van januari

Opnieuw niet veel gelezen deze maand, maar ook niet helemaal niet. Dat is vooral te danken aan de e-reader, die makkelijker op schoot te houden is tijdens een voeding/in combinatie met een baby dan een papieren boek. Bovendien wees M. me er een tijdje geleden op dat je de letters wel degelijk groter kan maken… Mijn ogen zijn haar dankbaar.

Sabine Wisman – Spelen met je kindje

Dit boekje zat in het BoekStart-koffertje dat M. kreeg toen ze S. inschreef bij de bibliotheek. Er staan spelletjes, versjes en liedjes in voor verschillende leeftijden en wat info over ontwikkeling. Het is een dun boekje, maar wel vrolijk en inspirerend.

L.T. Meade – Annie Forest. Een verhaal van eene meisjeskostschool
(De titelpagina vermeldt ‘Uit het Engelsch naar L.T. Meade door Rosa’, ik weet niet of het puur een vertaling is of meer een bewerking.)

Dit boek vond ik op dbnl, er zal inmiddels geen auteursrecht meer op rusten. Het wekte uiteraard mijn interesse omdat het een kostschoolboek is. Uit 1889. De omgangsvormen en het taalgebruik waren vervreemdend, maar interessant. Het verhaal was voorspelbaar, maar dat mag in kostschoolboeken. En zulke zigeuners zie je niet veel meer tegenwoordig!

Graeme Simsion – Het Rosie Project
(Vertaald uit het Engels door Linda Broeder)

Dit is natuurlijk een erg bekend en populair boek, maar zoals gewoonlijk lees ik het pas als iedereen het verder al gelezen heeft. Het voordeel daarvan is dat ik nu gelijk door kan met deel 2. Wat een fantastisch boek, en het is ook nog eens een debuut. Het gaat over Don Tillman, een professor in de genetica die door middel van een uitgebreide vragenlijst op zoek gaat naar een echtgenote. Dan ontmoet hij Rosie, een jonge vrouw die totaal ongeschikt is voor die functie, maar die hij wel wil helpen om haar biologische vader te vinden. Belabberde samenvatting, maar het knappe aan het boek is de stem van Don, zijn wereldbeeld en hoe hij alles verwoordt. Hij lijkt een autismespectrumstoornis te hebben en dat maakt hem een erg toffe hoofdpersoon, omdat hij de gewoonste dingen ongewoon beziet, in de vreemdste situaties terechtkomt en vaak onbedoeld grappig is. Hopelijk maakt deel 2, Het Rosie Effect, mijn hoge verwachtingen waar!

Japan Sleeves (3)

Hij is af! Het was maar goed ook dat ik na de geboorte van S. vooral nog de saaie streepjes moest, want veel tijd en concentratie is er niet meer. Veel daglicht trouwens ook niet, vandaar het nog slechtere portret dan normaal, met deurklink en lichtknopje.

Ik ben er tevreden mee, al had ik hem nog wel wat langer willen maken als ik meer garen had gehad en is wederom te zien waar mijn toeren begonnen. Maar de mouwen zijn lang genoeg, hij past en het steken opnemen is best netjes gelukt.

Mijn geliefde bamboe rondbreinaald brak alleen wel af toen ik bezig was aan de boord :( Misschien te intensief gebruikt bij mijn huisjesdeken? Ik wilde meteen verder (ik pak alle handwerktijd die ik pakken kan!), dus heb ik de trui afgemaakt met behulp van mijn naalden zonder kop. Ik heb maar een set, toevallig in de goede maat, maar ik gebruik ze niet graag omdat ik er niet handig mee ben; ik steek mezelf altijd zowat een oog uit.

Ik besefte later pas dat op de bovenste foto de mouwen (je weet wel, het onderscheidende kenmerk van deze trui) totaal niet goed zichtbaar zijn. Ik imiteer hieronder dus ook nog maar even de pose van de ontwerpster:

Overigens vraag ik me af wanneer ik deze trui ga dragen, gezien het alom tegenwoordige spuug- en kwijlgevaar…

Patroon: Japan Sleeves van Joji Locatelli.
Garen: Semilla van BC Garn. Zachte Organic Wool in de kleuren wit (kleur 1, vijf bollen) en groen (kleur 128, 3 bollen). Ik kocht het bij Zeven Katten.
Naalden: Rondbreinaalden 3 mm en 2,5 mm. En dus helaas die DPN’s.
Maat: M.

Eerdere updates over deze trui: 1 en 2.

Dochter (2)

Er zijn moeilijke momenten en makkelijker momenten. Dagen zelfs. Op moeilijke dagen is het moeilijk om te beseffen dat er ook makkelijker dagen zijn. Ik las ergens dat als je baby blijft huilen dat niet wil zeggen dat ze niet bij je wil zijn, maar vind dat soms moeilijk te geloven.

Ze wilde niet slapen, maar vond het wel gezellig om met z’n drieën op de slaapkamer te zijn. Ze lag vrolijk te brabbelen in haar bedje, tot we het licht uitdeden: krijsen, gillen! Licht weer aan om te kijken wat er in vredesnaam aan de hand was: niks. S. brabbelde weer vrolijk verder.

Ze sliep op me toen ik op moest staan om de lichten aan te doen. Dat was jammer.

Na een erg moeilijke woensdag, was donderdag ineens alles goed. Ze lachte al naar me toen ik haar ’s ochtends uit haar bedje kwam halen. Later lag ze tevreden naast me op het grote bed en keek ze af en toe even opzij om te zien of ik er nog was. Ze lijkt soms zo ernstig naar ons te luisteren. Ik erger me vaak aan hoe mensen gedrag interpreteren van mensen die dat zelf niet onder woorden kunnen brengen, maar ik doe natuurlijk bij S. precies hetzelfde.

Ze heeft nog niet echt interesse in speelgoed. We doen net alsof ze wel al veel interesse heeft in boekjes. Ontdekking van de week: ze wordt blij van ‘We maken een kringetje’. Het slaat natuurlijk nergens op met een mama en een baby, maar ze kan er geen genoeg van krijgen, vooral niet van ‘bij de hand, bij de hand, pak je vriendje bij de hand’.

We geven iedere dag braaf vitamine K en D, druppeltjes met een lepeltje. Vitamine K moet je tot en met 12 weken geven, die lui van Davitamon hebben daarvoor precies te weinig in een flesje gedaan, zodat je er nog een moet kopen.

Gisteren kwam een van haar oma’s oppassen en gingen M. en ik de auto ophalen en even de stad in. Voor ik het wist stonden we in een speelgoedwinkel omdat S. volgens M. dringend een bijtring nodig had. We zagen een superleuk broekje in een maat die ze al niet meer heeft, dat was zo gek.

Dochter

A. blogt elke week een gedichtje over het leven met haar baby, en dan wil ik ook zoiets, omdat het allemaal zo snel gaat. Tegelijkertijd weet ik dat dat niets voor mij is, ik zou er meteen een veel te ambitieus project van maken en ik schrijf altijd al zo langzaam, vaak over dingen die veel langer geleden hebben plaatsgevonden. Ik heb nog erg weinig energie en ben al blij als het lukt de dag aangekleed door te brengen, een wasje te draaien, wat boodschappen te doen, een redelijk gezonde maaltijd op tafel te zetten.

Met de dochter, S. (ik heb lang getwijfeld hoe ik haar hier wilde noemen, nu dan toch maar bij haar voorletter), gaat het goed. Geloof ik. Soms geloof ik het niet, als ik de hele dag alleen met haar ben en ze blijft huilen en niets goed is. Laatst waren ze zelfs tevreden op het consultatiebureau. Het hielp dat ze dit keer niet het hele gesprek lang krijste, maar in mijn armen lag te slapen, in haar Teigetje-badjasje. Ze was ineens meer dan een kilo aangekomen en zat een lijntje hoger in de heilige curve. We hoeven haar nu ’s nachts niet meer wakker te maken voor een voeding. Dat wil nog niet zeggen dat we volledige nachten slapen, maar ik was er toch erg trots op, omdat het blijkbaar toch iets oplevert, die ellendige borstvoeding die ook tijdens het afbouwen nog zoveel problemen geeft. Ze hebben dit keer ook zowaar niet later nog gebeld omdat ze wilden weten hoe het ging.

S. wil nu soms liever in de box liggen dan op ons, maar dan moeten we wel naast de box komen zitten. Haar ogen vallen dicht als ik de stofzuiger aanzet. Ze gaat huilen als ze denkt dat ze alleen is. Ik vind het zo belangrijk dat ze dat niet hoeft te denken, dat het niet zo is. Eerst zei ze alleen onwillekeurig ‘eu’, nu is het eerder ‘heuj-heuj’ en lijkt het soms een antwoord of bedoeld om ons te roepen.

Niet alleen wij, maar iedereen om ons heen heeft er een andere rol bij. Het maakt sommige dingen zoveel makkelijker. Ik geniet er erg van dat zij er zo van genieten. Dat S. in de kinderwagenbak om het hoekje in de woonkamer lag, maar van P. per se in de keuken erbij moest toen we gingen gourmetten. Dat het toetje zo snel mogelijk werd opgegeten, zodat S. weer kon worden vastgehouden.

Dat Y. eerst concludeerde dat ze ‘de baby niet zo leuk’ vond, maar nu soms doet alsof ze een baby is die S. heet, waarbij nicht M. mij moet spelen.

Vooral dat S. begint te lachen als M. thuiskomt uit haar werk, tenzij die haar capuchon nog opheeft. De verhalen die M. tegen haar houdt. En gewoon die twee, hoe gewoon dat soms al voelt en tegelijkertijd hoe bijzonder. Gewoon wij drieën.

Boeken van 2016

Ook dit jaar leek het me leuk om nog even terug te blikken op de boeken die ik in 2016 heb gelezen. Ik kom tot 37, minder dan in 2015, maar zoals ik toen al schreef: het aantal maakt me niet zoveel uit. Ik heb dit jaar geen boeken geluisterd, veel titels zijn verdwenen uit LuisterBieb en de app werkte niet meer op mijn telefoon. Inmiddels heb ik een andere telefoon, dus het zou misschien weer kunnen, maar ik zou niet weten wanneer ik dat zou moeten doen. We kijken tegenwoordig vaak televisie met de ondertiteling aan vanwege het gehuil van de dochter, om je een idee te geven. Niet dat we de dochter laten huilen, maar proberen haar te laten stoppen met huilen en dat ze ook daadwerkelijk niet huilt zijn twee verschillende dingen. We kijken ook regelmatig staand televisie, want mevrouw heeft graag overzicht en wordt het liefst gedragen… Maar goed, deze blog ging over boeken.

In tegenstelling tot vorig jaar kan ik niet één favoriete titel noemen. Wel meerdere dus, niet dat ik helemaal geen favorieten had. Want die had ik, waaronder de graphic novel Kunnen we het niet over iets leukers hebben? van Roz Chast (mei), Het nieuwe land van Eva Vriend (juli) en de biografie over Kees Boeke De geest in dit huis is liefderijk van Daniela Hooghiemstra (augustus). O, en Harry Potter and the Cursed Child was toch ook de moeite waard (september).

Mijn voornemens waren vorig jaar om veel te lezen op basis van onze leeslijst, dat is behoorlijk goed gelukt! Al kwamen een paar reserveringen van de bibliotheek precies binnen rond de geboorte van de dochter en heb ik die niet opgehaald. Ik keek toen uit naar het andere werk van Alison Bechdel, maar heb daar nog niets van gelezen (ik heb trouwens ook Fun Home niet herlezen, wil ik eigenlijk wel). En ik was zo benieuwd naar Meisjesboeken van weleer van Kristine Groenhart. Helaas viel dat een beetje tegen (mei). Haar kostschoolserie Mulberry House is wel leuk, daar las ik deel 1 en 2 van dit jaar.

In 2017 lijkt het me fijn als ik af en toe nog eens een boek kan lezen, met en zonder de dochter :)

Boeken van december

In november heb ik geen enkel boek uitgelezen. Aan het begin van de maand begon ik wel in Bruidsvlucht, maar ik las het niet uit. Ik kon me slecht concentreren en keek liever televisie. Toen de dochter er eenmaal was, had ik er geen tijd meer voor. Of dat idee had ik. Weinig zin in ook. En dat is in december grotendeels ook zo geweest. Tijdens de voedingen lees ik soms wel, maar dan vooral blogjes, de krant op mijn telefoon of een tijdschrift. En natuurlijk ‘lezen’ we al met de dochter, ze heeft diverse voelboekjes en is al lid van de bieb. Ze kan er niet onderuit met zulke moeders! Wat veel kraambezoek ook weet, ze heeft al mooie prentenboeken gekregen :)

Marieke van der Pol – Bruidsvlucht

Ik wilde ook vooral geen boeken lezen waarvan ik uit mijn doen zou raken. En dat raakte (raak) ik nogal snel, dus ik vond het wel veilig om te kiezen voor een boek dat ik al kende. Ik was even vergeten dat er een bevalling in voorkomt in een afgelegen stacaravan die zowat verkeerd afloopt, maar verder ging het wel. Sommige verhaallijnen zijn best heftig, maar alles wordt vrij afstandelijk beschreven. En uitleggerig, dat herinnerde ik me niet van de vorige keer dat ik dit las. Ik ken de film (Bride Flight, Van der Pol schreef eerst het scenario en toen het boek) ook goed, en het was fijn om de beelden voor me te zien onder het lezen. We zagen de film ooit voor het eerst op Manuscripta, daar bleek het de sneak preview met een inleiding door Van der Pol zelf. Erg leuke verrassing. Ik heb ook nog een keer gewerkt bij een lezing van haar in de boekhandel. Ik wil niet zeggen dat het een heel goed boek is, maar het is wel een lekker boek, met leuke personages. Vooral het begin, als ze op weg gaan met dat vliegtuig.

Anna Levander – Morten

Een van de boeken van Nederland Leest. Gratis, dus dan weet je het wel met mij. Een bibliotheekmedewerker heeft een keer heel filiaal Kanaleneiland voor mij ondersteboven gekeerd omdat ik had begrepen dat je een code kon krijgen voor een e-book. Onvindbaar, maar later stuurde ze keurig die code op per post met een briefje erbij :) Overigens een van de weinige positieve ervaringen met filiaal Kanaleneiland, waar de vaste medewerker meestal buiten stond te roken en te schreeuwen, maar dat is een ander verhaal. In ieder geval, ik zorg meestal wel dat ik het boek van Nederland Leest krijg. En lees het vervolgens niet. Of lees het wel en vind het slecht. Hoewel ik onder de indruk was van De grote zaal van Jacoba van Velde. Morten vond ik vooral stilistisch gezien niet best. Op zich wel grappig om te lezen, omdat het een inkijkje geeft in de politiek en Anna Levander het pseudoniem is van Dominique van der Heyde en haar vrouw Annet de Jong, dus je mag verwachten dat zij weten waar ze over praten. Het boekenvak komt er trouwens ook zijdelings in voor, was heel herkenbaar voor mij. Het einde vond ik nogal sneu, het is abrupt en een herinnering die wordt teruggehaald via hypnose speelt een cruciale rol, dat vond ik een zwaktebod. Ergens ben ik wel benieuwd hoe het verder gaat (Morten is het eerste deel van een drieluik), maar ik weet nog niet of ik de andere delen ook ga lezen.

Sofie van den Enk en Eva Munnik – De melkfabriek

Ik geef momenteel borstvoeding. Er is een wereld voor me opengegaan, en dat bedoel ik niet op een halleluja-ik-ga-minstens-door-totdat-de-dochter-naar-school-gaat-manier. Ik hoop dat ik er nog eens apart over kan schrijven. Dit boek probeert tegenwicht te bieden aan de zogenaamde borstvoedingsmaffia. Dat is wat mij betreft zeker nodig en dat doet het goed en leuk en luchtig, met veel ervaringsverhalen en anekdotes, ook van BN’ers. Sommige dingen maakten me juist extra onzeker, maar ik ben sowieso onzeker en besluiteloos over die hele borstvoeding op dit moment, dus ik geloof niet dat het aan het boek ligt. Het was vaak herkenbaar en ik kon er ook regelmatig om lachen. Er komt een vrouw in voor die begon te lekken zodra er een krijsende meeuw overvloog, haar lichaam vond dat op babygehuil lijken. Sofie heeft bij ons op dansles gezeten, waardoor ik altijd denk dat ik haar ken. In werkelijkheid heb ik haar nauwelijks ooit gesproken, maar toch denk ik altijd als ik iets over haar lees of haar op tv zie: Hé, Sofie!

Japan Sleeves (2)

De laatste week voordat de dochter er was, werkte ik behoorlijk obsessief aan de trui. Waardoor ik de lace inserts ineens toch af had. Die moest je nat maken en opspannen voor je er verder mee ging. Prima. Omdat ik te krenterig ben om dingen aan te schaffen die daar daadwerkelijk voor zijn bedoeld, doe ik dat altijd of op een prikbord, of op van die foam-puzzelstukken waarmee je een hinkelbaan kunt leggen. Op het prikbord lag (en ligt nu nog steeds) de puzzel van Jan van Haasteren die ik hier al even noemde, en ik vermoed dat het sowieso te klein zou zijn, dus het werden de puzzelstukken (nu nog niet geconfisqueerd door de dochter).

Ik ben eigenlijk niet zo goed in opspannen, het lukt me vaak niet goed om het recht en netjes te krijgen. In dit geval ging het ook nog eens om twee verschillende onderdelen die even lang moesten worden. Nou, lang werden ze in ieder geval. Ik was prompt bang dat de genoemde afmetingen na het opspannen waren, in plaats van ervoor, zoals ik had begrepen. Dat stond echter niet in het patroon. Omdat de trui op zich voor mij was bestemd in plaats van voor een aap, besloot ik de lace inserts eerst nog maar eens nat te maken en ze vervolgens iets minder fanatiek op te spannen. Dat leek al wat te helpen, dus liet ik ze drogen, verwijderde de spelden en besloot maar gewoon verder te gaan. Het kant was best mooi strak geworden en de lengte leek nu oké. Met de Buik zat passen er toch voorlopig niet in, dus ik hoefde me niet te haasten. Handig ook om van alles op uit te stallen, zo’n bed op klossen in de kamer.

Nu kwam het moeilijke gedeelte: het creëren van de vorm van een trui met de lace inserts als uitgangspunt. Het kant vormt de bovenkant van de mouwen, daartussen moest natuurlijk een gat voor mijn hoofd komen en daaromheen dus de mouwen en de panden. Ik probeer altijd patronen te vinden waarbij ik achteraf zo min mogelijk onderdelen aan elkaar moet naaien. Bij dit patroon hoef je aan het eind alleen de naden van de mouwen te sluiten en boorden eraan te breien. Ideaal, maar het zorgt er wel voor dat de constructie nogal inventief is; je moet veel steken opnemen en verkorte toeren breien. Ik heb weinig tot geen ruimtelijk inzicht, dus het kostte me veel moeite om me voor te stellen hoe het zou worden. Met zoveel steken op de naald was dat ook heel lastig te zien. Er zat weinig anders op dan op het patroon te vertrouwen.

Gelukkig pakte dat goed uit. Er waren ook stukken waarbij je heel lang heen en weer moest breien, van de linkerpols naar de rechterpols en andersom. Kon ik weer een beetje op adem komen. Een deel daarvan heb ik zelfs nog gebreid terwijl ik al weeën had. Ik geloof dat ze tegen haar zeiden dat je weet dat je bevalling echt op gang is gekomen ‘when you don’t feel like knitting anymore’. Dat gold ook wel zo’n beetje voor mij.

Na de geboorte van de dochter heb ik er niet zoveel meer aan kunnen werken (ik typ deze blog ook terwijl ik haar regelmatig met een hand heen en weer rijd in de kinderwagen naast me :)), maar inmiddels ben ik toch al best een eind. Het hele middenstuk wordt rond gebreid, afwisselend twee toeren van kleur A en twee toeren van kleur B. Mindless TV knitting, noemt het patroon dat. Wat mij betreft nu ideaal, want makkelijk op te pakken en weer weg te leggen.